Hilde Eijgenhuijsen is een gepassioneerde wiskundelerares. Ze heeft haar leven gewijd aan het onderwijzen van wiskunde en het ondersteunen van migranten en vluchtelingen door middel van onder andere educatie. Samen met haar man heeft ze de wereld rondgereisd, en daarbij altijd de verbinding gezocht met gemeenschappen in nood. Ze is al lang actief bij Stichting Li Salaam, een stichting met wortels in de Marokkaanse gemeenschap. Afgelopen maart is Li Salaam een samenwerking met StudyGo gestart, en sinds kort werken ze ook met Squla en Studira. Lees hieronder meer over deze stichting en hoe zij de samenwerking met o.a. StudyGo ervaren!
“Ik heb zoveel armoede gezien door al dat reizen,” zegt ze. “Ik kan het niet oplossen, maar ik geloof dat educatie het begin is. Wie geen educatie heeft, wordt geen leraar, en dan zijn er geen artsen. Het is het startpunt.” Ze ziet haar werk bij Li Salaam als een kans om mensen vooruit te helpen, om een verschil te maken waar het kan. Haar betrokkenheid bij de stichting begon via een andere organisatie, en nu zet ze zich in als bestuurslid en penningmeester van Li Salaam. “Ons doel is om de participatie van alle generaties migranten te bevorderen, niet alleen de eerste, maar ook de tweede, derde en vierde generatie,” legt ze uit.
Acht jaar geleden is de stichting begonnen met huiswerkklassen, maar al snel werd het chaotisch door het grote aantal leerlingen. “We besloten een jaar geleden over te gaan op 1-op-1 begeleiding (thuis of in het buurthuis), gegeven door onder andere studenten,” vertelt Hilde. Vroeger was dit allemaal vrijwillig, maar tegenwoordig proberen ze studenten iets te bieden voor hun inzet. De stichting is afhankelijk van fondsen, maar wil de studenten wel graag iets geven. “Studenten die bij ons komen lesgeven, komen vaak zelf ook uit gezinnen met minder financiële middelen. Zij kunnen vaak meer verdienen als zij ergens anders, zoals bij commerciële huiswerkbegeleidingsbedrijven, lesgeven. We zijn daarom blij dat wij ook StudyGo kunnen bieden aan leerlingen bij onze stichting. De communicatie met StudyGo verloopt goed en we krijgen altijd snel antwoord op onze vragen. We hebben nu ook Squla en Studira toegevoegd aan ons aanbod.”
Naast educatie voor jongeren zet Li Salaam zich ook in voor eenzame ouderen. “We organiseren daguitjes en andere activiteiten voor opa’s en oma’s die de jongere generatie niet altijd begrijpen,” zegt Hilde. “Je moet toch een beetje meegaan met de trends. Laat Oma even zien wat je doet voor je schoolwerk.” Ze benadrukt hoe belangrijk het is om de generaties dichter bij elkaar te brengen en het begrip voor elkaar te vergroten.
Als er onbeperkt budget zou zijn voor een jaar, zou Hilde het besteden aan educatie en aan ondersteuning voor ouderen. “Met een budget van bijvoorbeeld 10.000 euro zou ik 5.000 euro toewijzen aan educatie en 5.000 euro aan ouderen die thuis alleen zitten,” legt ze uit. Ze ziet ook de uitdaging voor jongeren met een migratieachtergrond die soms door scholen naar beneden worden gedrukt. “Ik zeg tegen hen: je moet oefenen en dan kom je er wel.”
Over de toekomst van de stichting is Hilde realistisch en vooruitstrevend. Ze ziet hoe de huidige bestuursleden, veelal in hun midden veertig, de stichting met nieuwe ideeën willen voortzetten. “We hebben ook een jongerencoach, een coach van de Ajax Academie in Dubai, die online dingen organiseert,” legt ze uit. “Hij zegt dat het een hele andere generatie is. Rond de 16, 17 zijn ze vaak iets luier, dat is nou eenmaal de puberteit. Ze zitten veel op hun telefoon en gamen veel.” Hilde gaat voor een balans: “Ik doe 50%, jullie doen 50%. Ze moeten willen leren en ervoor werken.”
Stichting Li Salaam is een kleine, maar vastberaden organisatie die een verschil maakt voor migranten, jongeren en ouderen. Hilde’s passie voor educatie en haar inzet om gemeenschappen te ondersteunen, laat zien dat zelfs een kleine stichting een grote impact kan hebben wanneer de juiste mensen betrokken zijn. Bedankt Hilde en Stichting Li Salaam voor het interview!
Wil je ook met ons samenwerken? Bekijk hier de mogelijkheden of neem contact op via stichtingen@studygo.com.
Het voortgezet onderwijs in Nederland is ingedeeld in verschillende niveaus. Afhankelijk van je capaciteiten ontvang je in groep 8 een advies voor een bepaald leerniveau. Elk leerniveau kan gekoppeld worden aan een gemiddeld IQ: een vmbo-t leerling heeft bijvoorbeeld een gemiddeld IQ tussen de 100 en 107, een havoleerling tussen de 108 en 115 en een vwo-leerling heeft een gemiddeld IQ vanaf 118. Een gemiddeld IQ zegt natuurlijk lang niet alles. In de praktijk zitten er bijvoorbeeld ook leerlingen met een hoger IQ op het vmbo en de havo, omdat ze bijvoorbeeld leerproblemen ervaren of langdurig ziek zijn. En andersom zitten er ook leerlingen op het vmbo die later tóch hun havo- of vwo-diploma halen! Lees verder om nóg meer te ontdekken over het IQ!
De term IQ is een afkorting van Intelligentie Quotiënt. Het IQ geeft je cognitieve intelligentie weer in verhouding tot de rest van de bevolking. In het schema hieronder zie je dat de IQ-scores globaal ingedeeld kunnen worden in verschillende groepen: zeer zwak begaafd, zwak begaafd, normaal, intelligent begaafd, zeer intelligent/hoogbegaafd.
Bron: SLO.nl
Het is belangrijk om te vermelden dat een IQ-test slechts een momentopname is. De uitslag kan variëren, omdat deze bijvoorbeeld afhankelijk is van je gemoedstoestand gedurende de afname van de test, net als de connectie die je ervaart met de persoon die de test afneemt. Een IQ-test is slechts een van de middelen om te onderzoeken wat het potentieel van iemand is.
Hoewel IQ-scores nuttig kunnen zijn voor bepaalde doeleinden, moeten ze altijd worden gezien in de context van andere informatie over het individu. Je emotionele intelligentie (EQ), je creatieve denkvermogen en je sociale en praktische vaardigheden kunnen niet gemeten worden, maar zijn wel belangrijke componenten voor persoonlijk succes. Als je bijvoorbeeld nog nooit hebt geleerd om door te zetten als iets moeilijk wordt of om met strakke deadlines om te gaan, dan behaal je minder snel je doelen in je (werkende) leven. Gelukkig mag je je hele leven lang leren en heb je zeeën van tijd om hard te werken aan de ontwikkeling van je vaardigheden. En vergeet vooral niet dat leren altijd gepaard gaat met vallen en opstaan. Van het maken van fouten leer je ontzettend veel, dus leer dat ook te omarmen op jouw eigen unieke pad van leren en ontwikkelen!
Het IQ kan gemeten worden met gestandaardiseerde tests, zoals bijvoorbeeld de WISC (Wechsler Intelligence Scale for Children). In deze tests worden verschillende aspecten van je intelligente onderzocht, waaronder verbaal begrip, visueel-ruimtelijk redeneren, werkgeheugen en verwerkingssnelheid. Een IQ-test wordt altijd afgenomen door een gekwalificeerde professional, zoals bijvoorbeeld een (school-)psycholoog of een orthopedagoog.
Per leerniveau geldt er een gemiddeld IQ:
Bron: NIO (Nederlandse Intelligentietest voor Onderwijsniveau)
In de praktijk komt het regelmatig voor dat leerlingen onderwijs volgen dat hoger of lager ligt dan het niveau dat volgens bovenstaande lijst bij hun IQ aan zou moeten sluiten. Dit is bijvoorbeeld het geval, omdat een leerling leer-, motivatie- of persoonlijke problemen heeft langdurig ziek is. Soms stromen leerlingen met een lager IQ dan gemiddeld ook door naar een hoger leerniveau, omdat ze super hard werken en op wilskracht en doorzettingsvermogen – en soms een paar jaar extra- toch graag hun havo- of vwo-diploma willen halen.
Tot slot geldt; wat je IQ ook is, elk mens is uniek en heeft eigen passies en kwaliteiten. Iedereen oefent, leert en groeit op zijn eigen manier!
Soms kan het spannend worden aan het eind van het schooljaar! Je cijferlijst ziet er niet uit zoals je gehoopt had… Misschien was je inzet niet voldoende of was je bijvoorbeeld vaak ziek. Sommige leerlingen kunnen de laatste proefwerkweek nog een ‘inhaalrace’ doen, maar helaas is dat niet voor iedereen een optie. Je zult dan moeten dealen met de realiteit: je blijft zitten! De regels voor wanneer je moet blijven zitten kunnen verschillen per school. De middelbare school mag deze zelf bepalen. Je vindt de regels voor de overgang – de overgangsnormen- terug in de schoolgids. Lees verder om alles te weten te komen over het ‘blijven zitten’ op de middelbaren school!
Wanneer je blijft zitten hangt af van de regels die jouw middelbare school hiervoor heeft opgesteld. In Nederland bepalen de middelbare scholen dus zelf de overgangsnormen. Het is handig om deze normen goed te bestuderen aan het begin van het schooljaar, zodat je precies weet waar je op moet letten om juist wél over te gaan! Een voorbeeld van overgangsnormen van een school die met cijfers werkt is:
Je vindt de regels voor het blijven zitten op jouw school terug in de schoolgids. Naast de vaststaande overgangsnormen van de school vinden er aan het einde van het jaar ook nog overgangsvergaderingen plaats. Docenten bespreken hier de resultaten, de werkhouding en de persoonlijke groei van alle leerlingen en besluiten hier samen (soms in samenspraak met de ouders/verzorgers) of leerlingen overgaan of niet.
De meeste leerlingen balen ontzettend als ze te horen krijgen dat ze blijven zitten. Je zit niet meer in de klas bij je vrienden en je zult al de lesstof weer opnieuw voorbij zien komen… De eerste weken in de nieuwe klas zijn vaak wel stressvol, maar de meeste leerlingen vinden hun draai na een tijdje wel weer. Het kan erg demotiverend zijn om te blijven zitten, maar er zitten ook positieve kanten aan. Doordat je de lesstof al een keer gezien hebt sta je al met 1-0 voor op je nieuwe klasgenoten; je voorkennis kan je zelfvertrouwen een boost geven en tot betere resultaten leiden! En heb je nooit die hechte vriendschap gevonden waar je altijd op hoopte? Een nieuwe klas biedt nieuwe kansen!
Hangt je overgang van de ene klas naar de andere aan een zijden draadje? Vat de koe bij de horens en ga ervoor nu het nog kan! Een aantal tips die ervoor kunnen zorgen dat je wél overgaat:
Je wordt wakker en je voelt je ziek. Wat nu? Je vader, moeder of verzorger meld je eenvoudig ziek via de app of met een telefoontje naar school! Maar er zijn ook leerlingen die wel eens ‘schoolziek’ zijn en er dus geen geldige reden voor hebben om thuis te blijven. School is verplicht om spijbelen te melden als een leerling 4 lesweken na elkaar in totaal 16 uren les- of praktijktijd afwezig was. En als een leerling minimaal 4 aaneengesloten schoolweken (28 kalenderdagen) continu afwezig en jonger dan 23 jaar is. De melding van verzuim wordt doorgestuurd naar de leerplichtambtenaar van de gemeente. Deze start een onderzoek om te bekijken waarom deze leerling niet naar school komt en kijkt hoe deze leerling geholpen kan worden. Lees verder als je alles te weten wil komen over de verschillende soorten verzuim op de middelbare school!
In Nederland moeten kinderen en jongeren verplicht naar school als ze tussen de 5 en 18 jaar oud zijn. Dit wordt ook wel de leerplicht genoemd. Als je zonder geldige reden niet aanwezig bent op school dan is er sprake van leerplicht verzuim.
Er bestaan twee soorten verzuim op de middelbare school:
Je vraagt dit verlof op de meeste scholen aan via de website of app van de school of via contact met de leerlingcoördinator.
Spijbelen mag niet, dat weet iedereen! Gebeurt het toch een paar keer dan geeft school je meestal een passende straf in de vorm van bijvoorbeeld een schoonmaakklus of je moet je je de volgende dag om 8 uur ’s ochtends melden. In de schoolgids van jouw school kun je teruglezen wat de exacte regels zijn rondom spijbelen. Als je vaker spijbelt dan worden je ouders ook ingelicht en gaat school in gesprek met jou en je ouders om te kijken hoe jullie er samen voor kunnen zorgen dat je niet meer spijbelt en alle lesuren aanwezig bent.
Als een leerling 4 lesweken na elkaar in totaal 16 uren les- of praktijktijd afwezig was dan is school verplicht om het spijbelen door te geven aan DUO (een organisatie die vanuit de overheid verschillende onderwijswetten- en regelingen uitvoert voor het onderwijs). DUO stelt de leerplichtambtenaar bij de gemeente op de hoogte van het spijbelen.
Ben jij thuis mantelzorger (je geeft dan zorg aan iemand uit je direct omgeving), word je gepest, ben je heel vaak ziek of zit je om een of andere reden niet goed in je vel en ben je daarom (soms) niet in staat om naar school te gaan? Trek op tijd aan de bel en vraag – samen met je ouders/verzorgers- hulp op school! Iedereen zal je een luisterend oor bieden en samen met jou bekijken hoe je tóch onderwijs kunt volgen.
Zodra de bovenbouw van de middelbare school in zicht komt mag je gaan beslissen welk profiel je kiest en welke keuzevakken je wilt gaan volgen. Je mag daarnaast ook al na gaan denken over een vervolgopleiding. Het maken van al deze belangrijke keuzes kan soms behoorlijk lastig zijn! Gelukkig is er daarom op elke school een steun en toeverlaat voor al je vragen: de decaan. De decaan geeft je informatie over de verschillende opleidingen en beroepen en helpt je bij het ontdekken van je interesses en je kwaliteiten. Wil je ontdekken wat een decaan nu precies allemaal doet op de middelbare school? Lees dan snel verder!
Een decaan werkt op een middelbare school en helpt leerlingen met hun loopbaan oriëntatie en bij het kiezen van vakken of een profiel. De decaan is er niet alleen voor leerlingen, maar beantwoord ook vragen van mentoren en ouders, zodat ook zij hun kinderen en leerlingen optimaal kunnen begeleiden bij het vinden van een vakkenpakket en toekomstige opleiding die het beste aansluit bij hun capaciteiten, interesses en kwaliteiten.
De taken van een decaan hebben allemaal te maken met het – direct of indirect- ondersteunen van leerlingen bij het maken van de juiste keuze voor een vervolgopleiding (bijvoorbeeld mbo, hbo of universiteit). Een greep uit het takenpakket van de decaan:
Een decaan is er om jou te helpen en beantwoord ál je vragen die te maken hebben met je profielkeuze en je opleidings-/beroepskeuze! Als je twijfelt over je profielkeuze of over je keuze voor een vervolgopleiding dan kun je contact opnemen met de decaan op jouw school. In een persoonlijk gesprek kun je tips ontvangen die je helpen bij het maken van de juiste keuze, zoals bijvoorbeeld het maken van online tests die je meer inzicht geven in wie je bent, waar je goed in bent en wat je leuk vindt om te doen.
StudyGo kan je ook ondersteunen bij het maken van de juiste profielkeuze. Twijfel je bijvoorbeeld tussen twee profielen of tussen bepaalde vakken? Blader eens door de oefenvragen en toetsen van de bovenbouw om een goede indruk te krijgen van wat de verschillende vakken van je vragen!
Veel mensen weten niet precies wat nu eigenlijk het verschil is tussen het gymnasium en het vwo. Er ontstaat vaak verwarring tussen de woorden vwo, gymnasium en atheneum. Het is gelukkig eenvoudig uit te leggen! Het vwo is een onderwijsniveau op de middelbare school in Nederland. Er bestaan binnen het vwo twee stromingen: het atheneum en het gymnasium. Het niveau van de twee opleidingen is gelijk. Het enige verschil is dat je op het gymnasium ook Latijn en Grieks krijgt en bij het atheneum niet. Lees verder en ontdek alles over het gymnasium en het atheneum!
Het gymnasium is een van de twee stromingen binnen het onderwijsniveau vwo (het voortgezet wetenschappelijk onderwijs). Op het gymnasium krijg je, naast het reguliere vakkenpakket van het atheneum, les in de klassieke talen Latijn en Grieks. Iedereen die in groep 8 een vwo-advies krijgt mag zich aanmelden voor het gymnasium.
Het gymnasium duurt, net als het atheneum, 6 jaar en het niveau van deze opleiding is exact hetzelfde als het atheneum. Beide opleidingen leiden tot een vwo-diploma waarmee je door kunt stromen naar een universiteit. Het grote verschil tussen het gymnasium en het atheneum is dat het gymnasium twee extra verplichte vakken heeft: Latijn en Grieks. Op sommige scholen worden op het gymnasium ook nog extra keuzevakken aangeboden zoals bijvoorbeeld filosofie, debat, toneel of Spaans.
Er zijn meerdere redenen op te kiezen voor het gymnasium, onder andere omdat:
Voor leerlingen die geïnteresseerd zijn in taal en cultuur kan het gymnasium de nodige uitdaging en verrijking bieden. Het gymnasium biedt ook een goede voorbereiding op universitaire studies; de kennis en vaardigheden die je opdoet kunnen je soms voordelen opleveren als je kiest voor universitaire studies in de geesteswetenschappen, rechten of geneeskunde.
Of je nu op het gymnasium zit of op het atheneum; voor alle vwo-leerlingen heeft StudyGo eindeloos veel online oefenmateriaal beschikbaar. Wil je ook hogere cijfers halen? Start dan nu met oefenen!
De havo en het vwo zijn twee niveaus op de middelbare school in Nederland. Het vwo duurt een jaar langer dan de havo en de studiedruk ligt ook iets hoger. Op het vwo wordt de lesstof namelijk sneller behandeld, er wordt nog dieper ingegaan op de lesstof en er wordt – nog meer dan op de havo – een beroep gedaan op inzicht en de ontwikkeling van analytische vaardigheden. Wil je nog meer weten over de verschillen tussen havo en vwo? Lees dan snel verder!
Op de havo en het vwo krijgen leerlingen veelal dezelfde vakken aangeboden, maar de lessen verschillen per niveau van elkaar in diepgang en tempo. Leerlingen op de havo en het vwo krijgen de verplichte basisvakken als Dutch, English en wiskunde aangeboden en andere vakken zoals Deutsch, French en lichamelijke opvoeding. In de bovenbouw zijn ook vakken als maatschappijleer en culturele en kunstzinnige vorming (CKV) verplicht. In de bovenbouw kiezen zowel de havoleerlingen als de vwo-leerlingen een profiel en krijgen ze – naast de verplichte basisvakken- les in de vakken die passen bij het gekozen profiel.
De verschillen tussen de havo en het vwo zitten vooral in de hoeveelheid lesstof en het tempo waarin de lesstof wordt behandeld. De meeste leerlingen ervaren in de onderbouw nog niet zo’n grote verschillen als ze de havo en het vwo met elkaar vergelijken, maar in de bovenbouw lopen de niveaus steeds verder uit elkaar. Op veel scholen zie je dat er in de eerste jaren dezelfde (online) lesboeken worden gebruikt en richting de bovenbouw verandert de inhoud van de lesstof en de hoeveelheid, het tempo en ook de wijze waarop er vragen worden gesteld over de lesstof. De havoleerling bouwt een brede algemene vorming op met meer nadruk op toepassingsgerichte kennis en vaardigheden. Op het vwo ligt de nadruk meer op abstract denken en op de ontwikkeling van analytische vaardigheden.
In groep 8 ontvangen alle leerlingen een schooladvies. Met een havo-advies of een havo/vwo-advies kies je voor het schoolniveau havo. Als je relatief hoge cijfers haalt op het vmbo-t dan bestaat er vaak ook de mogelijkheid om door te stromen naar de havo.
Wil je als een speer toewerken naar het succesvol behalen van je havo-diploma? Oefen dan naar hartelust op StudyGo!
Je kiest voor het vwo als je een havo/vwo-advies of een vwo-advies hebt ontvangen aan het einde van de basisschoolperiode. Je kunt in de loop van je middelbare schoolcarrière ook altijd nog doorstromen van de havo naar het vwo indien je resultaten bovengemiddeld zijn.
Kun je nog wel wat hulp gebruiken bij een van de vakken op het VWO? StudyGo biedt je oefenvragen en oefentoetsen die perfect aansluiten op de lesmethodes die jouw school gebruikt. Start vandaag nog met oefenen en geef je cijfers een boost!
Yes, dat vmbo-diploma is op zak! En wat nu? Het vmbo is omvangrijk in het aantal leerwegen en biedt vele mogelijkheden voor vervolgopleidingen en carrière! Afhankelijk van de gekozen leerweg, kunnen leerlingen zich voorbereiden op zowel praktische beroepen als theoretische vervolgstudies. Na het vmbo gaan veel leerlingen naar het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) om een beroep te leren. Het is ook mogelijk om na het bepalen van je vmbo-t-diploma door te stromen naar de havo. Wil je alles te weten komen over wat je kunt met het vmbo-diploma? Lees dan verder en ontdek ook hoe StudyGo je kan ondersteunen!
Het vmbo stoomt leerlingen klaar voor een mbo-opleiding. Er bestaan vier leerwegen op het vmbo: de basisberoepsgerichte leerweg, de kaderberoepsgerichte leerweg, de gemengde leerweg en de theoretische leerweg. In de onderbouw volgen de leerlingen van alle leerwegen dezelfde vakken (bijvoorbeeld Dutch, English en wiskunde), maar het onderwijs verschilt per leerweg in niveau en in de mate waarin het beroepsgericht of juist meer theoretisch gericht is. In de bovenbouw volgen de leerlingen, naast de verplichte vakken, ook vakken die aansluiten bij hun profielkeuze.
De mogelijkheden voor profielkeuze in de basisberoepsgerichte, de kaderberoepsgerichte en de gemengde leerweg zijn heel divers:
In de theoretische leerweg zijn er 4 profielen:
Als troste eigenaar van je vmbo-diploma kun je vele kanten op! Je kunt kiezen uit talloze opleidingen die je klaarstomen voor een beroep dat past bij jouw passies en interesses.
De mbo-opleidingen zijn, net als de vmbo-opleidingen, ingedeeld in niveaus:
De beroepen die je kunt gaan uitvoeren na je mbo-opleiding zijn al net zo divers als het aantal opleidingen dat je kunt gaan volgen na je vmbo. Heb je gekozen voor een vervolgopleiding die meer praktisch gericht is, dan kun je bijvoorbeeld gaan werken als bakker, koerier, bouwvakker of pedicure. Is je vervolgstudie meer theoriegericht, dan kun je bijvoorbeeld aan de slag gaan als bouwkundig tekenaar, media vormgever, expert IT of specialist legal.
Heb je bovengemiddelde resultaten in de onderbouw op het vmbo? Het is dan mogelijk om tussentijds door te stromen naar de havo. Op sommige middelbare scholen bestaat hier een schakelklas voor; leerlingen met vmbo-t/havo-advies worden hier extra ondersteunt bij de keuze voor het best passende niveau. Leerlingen kunnen ook na het behalen van hun vmbo-diploma doorstromen naar de havo. Zij moeten dan voldoen aan de eisen van toelating van de (havo-)school.
StudyGo kan je ook ondersteunen bij een mogelijke doorstroom van vmbo-t naar de havo. Je kunt heel eenvoudig switchen tussen het online oefenmateriaal per niveau. Het oefenen op StudyGo kan je dus perfect helpen om nog meer zicht te krijgen op welk niveau uiteindelijk het beste aansluit bij jouw kwaliteiten en capaciteiten!
Extra hulp nodig? StudyGo biedt ook online bijles aan!
In Nederland bestaan er verschillende middelbare schoolniveaus: praktijkonderwijs, vmbo, havo en vwo. Deze niveaus zijn nauwkeurig afgestemd op de capaciteiten en behoeften van leerlingen. In groep 8 wordt in samenspraak besloten welk niveau voor jou in eerste instantie het beste past. Als je eenmaal op de middelbare school zit dan bestaat er altijd nog de mogelijkheid om na verloop van tijd toch een niveau lager te gaan of juist een niveau hoger. Wil je meer weten over de verschillende middelbare schoolniveaus? Lees verder!
Hieronder vind je een overzicht van de middelbare schoolniveaus van laag naar hoog. Zo ontdek je zelf de verschillen!
De afkorting vso staat voor voortgezet speciaal onderwijs. Deze vorm van onderwijs is gericht op leerlingen die vanwege hun beperkingen niet kunnen functioneren op een reguliere middelbare school. Het vso biedt aangepaste lesprogramma’s en -methodes die zijn afgestemd op de behoeften van deze leerlingen.
Het praktijkonderwijs is bedoeld voor leerlingen die niet in staat zijn om het reguliere voortgezet onderwijs succesvol af te ronden. Deze vorm van onderwijs biedt hen een alternatieve weg om hun talenten te ontwikkelen en zich voor te bereiden op een plek in de samenleving.
De afkorting vmbo staat voor voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs. Om tegemoet te komen aan de behoefte van elke leerling is het vmbo opgedeeld in vier verschillende leerwegen van laag naar hoog:
Het vmbo-programma duurt vier jaar voor alle bovenstaande leerwegen. De meeste leerlingen zijn rond de 16 jaar oud als ze hun diploma ontvangen.
Volg jij de theoretische leerweg? Er staan vele oefenvragen en oefentoetsen voor je klaar op StudyGo. Haal het beste uit jezelf!
De afkorting havo staat voor hoger algemeen voortgezet onderwijs. Dit schoolniveau is gericht op een algemene theoretische vorming en bereidt leerlingen voor op het hoger beroepsonderwijs (hbo). Op de havo duik je meer de theorie in dan op het vmbo; de lesstof is complexer, je krijgt minder instructie en werkt vaker zelfstandig. Het havo-programma duurt vijf jaar. De meeste leerlingen zijn rond de 17 jaar oud als ze hun diploma ontvangen.
Zit je op de havo en zou je graag hogere cijfers willen halen? StudyGo staat tot je dienst met oefenmateriaal dat perfect aansluit op de boeken die jij op school gebruikt!
De afkorting vwo staat voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs. Dit niveau richt zich op een brede en diepgaande theoretische opleiding en bereidt leerlingen voor op een studie aan de universiteit. Het vwo-programma duurt zes jaar. Er bestaan twee leerwegen: het gymnasium (met klassieke talen) en het atheneum (zonder klassieke talen). Op het vwo ligt het tempo nog hoger dan op de havo en de lesstof is nog complexer. Je leert hier om abstract te denken en je analytische vaardigheden worden steeds verder ontwikkeld. Het vwo-programma duurt in totaal zes jaar. De meeste leerlingen zijn rond de 18 jaar oud als ze hun diploma ontvangen.
Als je wel wat hulp kunt gebruiken op weg naar jouw vwo-diploma, dan staat StudyGo altijd voor je klaar. Volg online bijles bij een van de professionele bijlesdocenten oder oefen online en maak jezelf trots!
StudyGo biedt oefenmateriaal aan voor de middelbare schoolniveaus vmbo-t, havo en vwo. Als je op een van deze middelbare schoolniveaus zit, dan kun je op StudyGo eindeloos oefenen met vakken zoals English, Dutch, wiskunde en aardrijkskunde. Voor elk niveau vind je online oefenvragen en proeftoetsen terug die exact zijn afgestemd op de behoeftes van de leerlingen per niveau. En aangezien elke middelbare school weer net andere lesmethodes gebruikt is het oefenmateriaal ook zo goed mogelijk afgestemd op de boeken die in jouw schooltas zitten. StudyGo maakt het leren niet alleen leuker, maar ook zóveel makkelijker!